HOOFDSTUK 2

TELECOMMUNICATIE AUTORITEIT SURINAME

Artikel 2 Instelling TAS

Bij deze wet wordt ingesteld een Telecommunicatie Autoriteit Suriname, afgekort TAS; de TAS is rechtspersoon en is in Paramaribo gevestigd.

De TAS staat onder leiding van een Directeur, die op voordracht van de Minister na goedkeuring van de Raad van Ministers door de President wordt benoemd, geschorst en ontslagen; de benoeming van de Directeur geschiedt voor een periode van vijf jaar.

De Directeur vertegenwoordigt de TAS in en buiten rechte.

Bij resolutie worden eisen vastgesteld terzake de benoembaarheid van de Directeur.

De functionarissen van de TAS worden door de Directeur benoemd, geschorst en ontslagen.

rechtspositie en de overige arbeidsvoorwaarden van de functionarissen worden in een afzonderlijke regeling vastgesteld.

Artikel 3 Taken TAS

De taken van de TAS zijn:

het bevorderen van de introductie van nieuwe technologie8n en diensten;

het gevraagd of ongevraagd adviseren van de Minister terzake aangelegenheden de telecommunicatie betreffende;

het voorbereiden van de te verlenen concessies en het toezicht houden op de naleving van de concessievoorwaarden door de concessiehouders;

het toezicht houden op de tarieven voor gereguleerde c.q. opgedragen diensten;

het verlenen van vergunningen en het toezicht houden op de naleving van de vergunningsvoorwaarden door de vergunninghouders;

het vertegenwoordigen van de Republiek Suriname bij internationale organisaties;

het beheer van het frequentiespectrum;

het beheer van het nummerplan;

standaardisatie en controle van randapparatuur;

het beslechten van geschillen;

het beheer van het Universele Dienstverleningsfonds;

het uitvoeren van de bij en krachtens deze wet aan de TAS opgedragen werkzaamheden;

het verrichten van telecommunicatiewerkzaamheden voor zover in deze wet daarin niet uitdrukkelijk anders is voorzien.

De Minister wint advies in van de TAS met betrekking tot:

alle aangelegenheden van beleidsmatige aard de uitvoering van deze wet betreffende;

alle voorstellen tot wijziging van deze wet en de daarop berustende bepalingen.

Artikel 4 Bestuur TAS

De Directeur kan worden bijgestaan door n of meer onderdirecteuren.

Bij ontstentenis of belet van de Directeur berust het bestuur in zijn geheel bij een door de Raad aan te wijzen onderdirecteur; in geval van ontstentenis of belet van de Directeur en alle onderdirecteuren wordt het bestuur voorlopig waargenomen door de Raad onverminderd hun bevoegdheid om het bestuur alsdan tijdelijk aan n of meer personen uit haar midden op te dragen.

De onderdirecteur wordt op voordracht van de Raad benoemd, geschorst en ontslagen door de Minister, na verkregen goedkeuring van de Raad van Ministers.

De arbeidsvoorwaarden van de Directeur en de onderdirecteuren worden door deMinister, gehoord de Raad, na verkregen goedkeuring van de Raad van Ministers vastgesteld; de Directeur en de onderdirecteuren mogen zonder toestemming van de Raad geen nevenbetrekkingen vervullen, bezoldigd of onbezoldigd; verder mogen de Directeur en de onderdirecteuren in priv geen vertegenwoordiging of aandelen hebben in aanverwante bedrijven.

Een schorsing als bedoeld in lid 3 van dit artikel zal de onderdirecteur schriftelijk, onder vermelding van de redenen, welke daartoe hebben geleid, moeten worden medegedeeld; alvorens een dergelijk besluit te nemen zal de Minister hem de gelegenheid geven zich bij hem of een door hem aan te wijzen functionaris of in te stellen commissie, te verweren binnen een periode van 1 (n) maand.

Tegen ontslag staat beroep open bij de President binnen 30 (dertig) dagen nadat het ontslag ter kennis van de onderdirekteur is gebracht; de President beslist, gehoord de Minister, met redenen omkleed, schriftelijk binnen zes weken na indiening van het beroep.

Artikel 5 Raad van Commissarissen

De Raad bestaat uit minimaal 5 (vijf) en maximaal 7 (zeven) leden die op voordracht van de Minister, na goedkeuring van de Raad van Ministers door de Minister, worden benoemd voor ten hoogste 3 (drie) jaren; de commissarissen zijn na ommekomst van deze periode terstond herbenoembaar, onverminderd het recht van de Minister de commissarissen tussentijds te ontslaan na goedkeuring van de Raad van Ministers.

De Minister benoemt na goedkeuring van de Raad van Ministers n van de commissarissen tot President-Commissaris en de Raad wijst uit haar midden een Secretaris aan; de Raad stelt verder haar werkzaamheden onderling vast.

 

De commissarissen genieten een door de Minister vast te stellen remuneratie; de remuneratie komt ten laste van de exploitatierekening van de TAS.

Alle andere niet in deze Wet geregelde zaken betreffende de Raad zullen bij Reglement worden vastgesteld.

Artikel 6 Aanwijzingen Minister

De Minister is bevoegd de TAS algemene aanwijzingen te geven met betrekking tot de vervulling van de in artikel 3 lid I genoemde taken; indien deze aanwijzingen betrekking hebben op het beleid terzake de door de TAS op te leggen boetes, geeft de Minister deze slechts na overleg met de Minister belast met de zorg voor justitiele en politionele aangelegenheden.

Artikel 7 Financile middelen TAS

financile middelen van de TAS worden onder andere gevormd door:

de concessievergoeding, bedoeld in artikel 21;

vergoedingen voor door de TAS verleende vergunningen;

de vergoedingen, bedoeld in artikel 81;

de boetes die door de TAS ingevolge deze wet en de daarop berustende bepalingen worden opgelegd;

de kosten door de overtreder betaald voor uitgeoefende bestuursdwang ingevolge artikel 85 leden 2 of3;

de gende dwangsommen, bedoeld in artikel 86;

vergoedingen die de TAS ontvangt voor ten behoeve van derden verrichte werkzaamheden;

middelen verkregen door schenkingen, legaten of anderszins, beleggingen of rente van spaartegoeden;

opbrengsten van inschrijvingen en veilingen zoals bedoeld in artikel 9 lid 6 en artikel 62 lid 4.

Jaarlijks wordt na aftrek van de exploitatiekosten en reserveringen voor ontwikkeling het surplus afgedragen aan de Staat.

Artikel 8 Begroting en verslagen

De Directeur stelt jaarlijks vr 1 november een begroting vast voor het volgende kalendetjaar en biedt deze aan de Raad aan ter goedkeuring.

De Directeur brengt jaarlijks vr 1 april aan de Raad en de Minister een verslag uit over het gedurende het afgelopen kalendetjaar gevoerde financieel beheer; dit verslag gaat vergezeld van een verklaring omtrent de getrouwheid en de rechtmatigheid, afgegeven door een deskundige als bedoeld in artikel 74 van het Wetboek van Koophandel.

 

Voorts brengt de Directeur jaarlijks vr 1 april aan de Raad en de Minister over het afgelopen kalenderjaar een verslag uit over de werkzaamheden, het gevoerde beleid in het algemeen en de doelmatigheid en doeltreffendheid van de werkzaamheden in het bijzonder.