HOOFDSTUK 3

TELECOMMUNICATIE-INFRASTRUCTUUR EN DIENSTEN

§ 1. Concessie

Artikel 9 Concessievereiste

Het is verboden telecommunicatie-intrastructuur aan te leggen, te ontwikkelen en te exploiteren zonder een daartoe strekkende concessie, bij resolutie verleend door de President, op advies van de Minister, na de TAS gehoord te hebben.

Een concessie wordt verleend aan een naar Surinaams recht opgerichte en hier te lande gevestigde rechtspersoon en aan hen gelijkgestelde.

 

Rechtspersonen zoals bedoeld in lid 2 van dit artikel, kunnen alleen een aanvraag voor een concessie doen voor:

het aanleggen, ontwikkelen, in stand houden en exploiteren van vaste infrastructuur ten behoeve van telecommunicatie in Suriname, waarbij gereguleerde en niet-gereguleerde diensten kunnen worden aangeboden;

het aanleggen, ontwikkelen in stand houden en exploiteren van intrastructuur ten behoeve van mobiele telecommunicatie in Suriname, waarbij gereguleerde en niet-gereguleerde diensten kunnen worden aangeboden.

Een concessie wordt slechts verleend, indien zulks strekt tot bevordering van een doelmatige verzorging van de telecommunicatie in het algemeen maatschappelijk en economisch belang.

Een concessie wordt niet verleend dan nadat ten genoegen van de President is aangetoond dat de in lid 2 van dit artikel bedoelde rechtspersoon tenminste beschikt over voldoende financiële middelen, technische kennis, organisatorische bekwaamheid en ervaring terzake de telecomnlunicatie.

Verlening van een concessie geschiedt door middel van een vergelijkende toets enJof een veiling ingevolge en in overeenstemming met een uitnodiging, voorbereid door de TAS, en dienaangaande uitgaande van de Minister en gepubliceerd in het Advertentieblad van de Republiek Suriname.

Artikel 10 Radiofrequenties en capaciteit

De TAS kent aan elke concessiehouder de radiofrequenties toe welke nodig zijn voor de uitvoering van de concessie; aan een zodanige toekenning kunnen voorschriften worden verbonden en een zodanige toekenning kan onder beperkingen worden verleend; voor zover daarbij niet anders is bepaald, zijn de krachtens artikel 49 lid 3 vastgestelde regels van overeenkomstige toepassing.

Elke concessiehouder dient er zorg voor te-dragen dat de capaciteit, de kwaliteit en de eigenschappen van de telecommunicatie-infrastructuur voldoen aan een doelmatige verzorging van de telecommunicatie.

§ 2. Interconnectie

Artikel 11 Algemene interconnectieverplichtingen

Elke concessiehouder is, in het belang van een doelmatige verzorging van de telecommunicatie, verplicht interconnectie te verlenen, wanneer daartoe een verzoek wordt gedaan door aanbieders van telecommunicatiediensten.

Elke concessiehouder is verplicht een interconnectie-aanbod vast te stellen aan de hand van een door de TAS aangegeven modelovereenkomst die gepubliceerd dient te worden in het Advertentieblad van de Republiek Suriname.

De interconnectie-overeenkomst vormt de basis voor het verlenen van interconnectie.

Bij het verlenen van interconnectie draagt elke concessiehouder er zorg voor dat

de voorwaarden voor koppeling non-discriminatoir zijn;

de voorwaarden voor koppeling transparant zijn en de tarieven voor koppeling niet gebundeld worden;

de vergoedingen voor koppeling, als onderdeel van de voorwaarden, kostengeorienteerd zijn.

Bij of krachtens staatsbesluit kunnen nadere regels worden vastgesteld inzake de verplichtingen met betrekking tot het tot stand brengen van de interconnectie en het toezicht van de TAS daarop.

Artikel 12 Interconnectie-overeenkomst

Iedere concessiehouder is verplicht met aanvragers van interconnectie in onderhandeling te treden om te komen tot overeenkomsten op basis waarvan de interconnectie tot stand komt; de TAS kan bij het uitblijven van een overeenkomst een termijn stellen waarbinnen deze tot stand moet zijn gekomen.

De kosten voor het tot stand brengen van interconnectie komen ten laste van degene die het verzoek daartoe doet.

 

Van overeenkomsten als bedoeld in lid 1 van dit artikel wordt zo spoedig mogelijk een afschrift gezonden aan de TAS; bedoelde overeenkomsten dienen overeenkomstig het staatsbesluit, genoemd in lid 5 van artikel 11, te worden gesloten.

Indien de TAS van oordeel is dat een overeenkomst strijdig is met het bepaalde bij of krachtens deze wet, stelt deze de partijen daarvan in kennis onder mededeling van de bepalingen van de overeenkomst die naar haar oordeel wijziging behoeven; zolang die wijzigingen niet zijn aangebracht, is door betrokken concessiehouders niet voldaan aan de verplichtingen in verband met interconnectie.

Indien partijen die verplicht zijn een interconnectie-overeenkomst te sluiten deze niet tot stand kunnen brengen, kan de TAS op aanvraag van één of meer van hen de regels vaststellen die tussen hen zullen gelden.

Indien één der partijen een rechterlijke uitspraak wenst zullen de door de TAS vastgestelde regels geldend zijn totdat de rechter een uitspraak terzake heeft gedaan.

§ 3. Diensten

Artikel 13 Geregnleerde en niet-gereguleerde diensten

Voor het aanbieden van gereguleerde en niet-gereguleerde diensten door anderen dan concessiehouders is een vergunnning vereist van de TAS; bij staatsbesluit wordt bepaald welke diensten gereguleerd zijn.

Artikel 14 Opgedragen diensten

Elke concessiehouder kan in het belang van het algemeen maatschappelijk en economisch telecommunicatieverkeer verplicht worden, de bij staatsbesluit te omschrijven gereguleerde diensten te verzorgen en een ieder tegen vergoeding het gebruik daarvan beschikbaar te stellen.

Elke concessiehouder is bevoegd om gebruikers van de in lid I van dit artikel bedoelde diensten geheel of gedeeltelijk uit te sluiten van het gebruik daarvan :

indien deze gebruiker handelt in strijd met de op hem rustende verplichtingen ingevolge de algemene voorwaarden van de desbetreffende concessiehouder;

voor zover het gebruik dat deze gebruikers van die voorzieningen maken een zodanige belasting van deze voorzieningen oplevert dat hinder wordt veroorzaakt aan andere gebruikers van die voorzieningen, dan wel, in geval het betreft vanuit Suriname uitgaande telecommunicatie, dit gebruik op zodanige wijze geschiedt dat omkering van de communicatierichting plaatsvindt, waardoor de verschuldigde vergoedingen voor het gebruik maken van deze voorzieningen niet in de volle omvang aan een concessiehouder toekomen, tenzij hierover met de desbetreffende concessiehouder afspraken zijn gemaakt.

Artikel 15 "Call-back"

Het is een ieder verboden voorzieningen voor telecommunicatie dan wel het gebruik daarvan in welke vorm dan ook of op welke wijze dan ook aan te bieden, voor zover deze voorzieningen een zodanige belasting opleveren voor voorzieningen die op grond van de in artikel 14 lid 1 bedoelde diensten beschikbaar worden gesteld, dat hinder wordt veroorzaakt aan andere gebruikers van die voorzieningen, dan wel, in geval het betreft vanuit Suriname uitgaande telecommunicatie, deze voorzieningen tot gevolg hebben dat omkering van de communicatierichting plaatsvindt, waardoor de door de gebruiker aan een concessiehouder verschuldigde vergoedingen voor het gebruik maken van deze voorzieningen niet in de volle omvang aan een concessiehouder toekomen, tenzij hierover met een concessiehouder afspraken zijn gemaakt.

Artikel 16 Publieke telefoon

Het is zonder een vergunning van de TAS, of anderen dan een concessiehouder niet toegestaan een voor het publiek toegankelijke gelegenheid bestemd voor het directe transport van signalen over de telecommunicatie-infrastructuur te plaatsen en te exploiteren.

Artikel 17 Telefoongids

Het vervaardigen, verspreiden of ter verspreiding in voorraad hebben van telefoongidsen en dergelijke vermeldingen van degenen die zijn aangesloten op de telecommunicatie-infrastructuur teneinde gebruik te kunnen maken van de krachtens artikel 14 lid I aan een concessiehouder opgedragen diensten, of van andere gegevens betreffende deze diensten benevens nabootsingen, op welke wijze dan ook vervaardigd, van bij een concessiehouder in gebruik zijnde drukwerken, formulieren en bescheiden, anders dan met toestemming van de desbetreffende concessiehouder, is verboden, onverminderd hetgeen terzake daarvan in andere wettelijke regelingen is bepaald.

Artikel 18 Diensten die internationale werking hebben

Het is zonder een vergunning van de TAS, of anderen dan een concessiehouder niet toegestaan diensten die internationale werking hebben, aan te bieden.

§ 4. Concessievoorwaarden

Artikel 19 Concessievoorwaarden

Aan een concessie worden voorwaarden verbonden die overeenkomstig artikel 9 lid 1 bij resolutie worden vastgesteld.

Behalve de voorwaarden in elk bijzonder geval aan een concessie te verbinden, hebben de voorwaarden met het oog op de uitvoering van artikel 9 leden 1 en 3, artikel 10 lid 2 en artikel 14 leden 1 en 2 in elk geval betrekking op:

de omvang en aard van de concessie;

de duur van de concessie;

de gronden voor intrekking van de concessie;

het in stand houden van een goede telecommunicatieinfrastructuur en een goede dienstverlening;

de wijze en mate van dienstverlening;

de samenwerking tussen concessiehouders;

het vaststellen van algemene voorwaarden;

de geheimhouding;

de bescherming van de persoonlijke levenssfeer;

het verstrekken van periodieke informatie aan de TAS ten dienste van het toezicht overeenkomstig door de Minister vast te stellen regels.

Een besluit tot vaststelling van nieuwe of wijziging van bestaande voorwaarden wordt genomen met inachtneming van een bedrijfsmatige en op continurteit gerichte exploitatie door de concessiehouder.

De TAS kan regels vaststellen met betrekking tot de door een concessiehouder te hanteren tarieven en de wijziging daarvan.

Artikel 20 Wijziging concessievoorwaarden en intrekking concessie

Een wijziging van de in artikel 19 leden 1 en 2 bedoelde concessievoorwaarden wordt niet eerder van kracht dan een jaar na de vaststelling bij resolutie, tenzij een daarbij aan te geven algemeen belang dat dringend vordert of de desbetreffende concessiehouder met het eerder van kracht worden instemt.

Bij niet naleving van de bij of krachtens deze wet vastgestelde regels en voorschriften kan de concessie op advies van de Minister, na de TAS gehoord te hebben, door de President worden ingetrokken.

Artikel 21 Concessievergoeding

De concessievergoedingen, welke aan de TAS dienen te worden betaald, bestaan uit:

een eenmalige vergoeding voor de toewijzing van de concessie;

een jaarlijkse vergoeding voor het toezicht op de naleving van de bij of krachtens deze wet vastgestelde regels en voorschriften alsmede voor de uitoefening van bevoegdheden inzake de telecommunicatie door de TAS.

De in lid 1 van dit artikel bedoelde vergoedingen worden bij beschikking vastgesteld.

Artikel 22 Geschillenbeslechting

Onverminderd het bepaalde in artikel 1 0 van de Grondwet beslecht de TAS de navolgende geschillen tussen:

concessiehouders onderling;

concessiehouders en andere aanbieders van telecommunicatiediensten;

gebruikers en aanbieders van telecommunicatiediensten met betrekking tot de toepassing van de door die aanbieder vastgestelde algemene voorwaarden.

Bij staatsbesluit worden terzake de geschillenbeslechting nadere regels vastgesteld.

Tegen beslissingen van de TAS met betrekking tot de in lid 1 van dit artikel bedoelde geschillen staat beroep open bij de Minister binnen dertig dagen nadat die ter kennis van betrokkene zijn gebracht; de Minister stelt daartoe een geschillencommissie in om hem terzake te adviseren.

Artikel 23 Geschillencommissie

De geschillencommissie bestaat uit:

een voorzitter;

een vertegenwoordiger van het Ministerie belast met de zorg voor het communicatiewezen;

een vertegenwoordiger van het bedrijfsleven.

De commissie stelt een reglement op waarin zijn opgenomen regels betreffende de werkwijze; dit reglement behoeft de goedkeuring van de Minister.

De commissie kan zich door terzake deskundigen doen bijstaan.

De voorzitter en de leden van de commissie ontvangen voor hun werkzaamheden een door de Minister vast te stellen vergoeding, welke ten laste komt van betrokken partijen.

§ 5. Nummerbeheer

Artikel 24 Toekenning nummers

In het belang van een doelmatige verzorging van de telecommunicatie is de TAS belast met de zorg voor het beheer van door gebruikers, concessiehouders en andere aanbieders van openbare telecommunicatiediensten, te bezigen nummers.

Met het oog op de in lid 1 van dit artikel bedoelde zorg stelt de TAS een of meer nummerplannen vast, waarin in ieder geval de bestemming van de daarin opgenomen nummers wordt aangegeven.

De toekenning en reservering van nummers geschieden door de TAS; daarbij wijkt de TAS niet. af van de vastgestelde nummerplannen; in het belang van een doelmatige toekenning van nummers kunnen aan de toekenning of reservering voorschriften worden verbonden en kunnen zij onder beperkingen worden toegekend.

De TAS is verplicht de nummerplannen te rapporteren aan alle internationale organisaties op het gebied van telecommunicatie, waarvan Suriname lid is.

Artikel 25 Weigering nummers

De toekenning of reservering van nummers wordt geweigerd, indien:

de aanvrager niet behoort tot één der in artikel 24 lid I genoemde categorieën;

toekenning daarvan in strijd is met een nummerplan;

de gevraagde nummers reeds in gebruik zijn;

redelijkerwijs is te verwachten dat de aanvrager niet zal kunnen voldoen aan het bij of krachtens deze wet met betrekking tot nummers bepaalde.

De toekenning of reservering van nummers kan voorts geheel of gedeeltelijk

worden geweigerd, indien:

op grond van de aanvraag redelijkerwijs niet is te verwachten dat het voorgenomen gebruik binnen een jaar of binnen de termijn gedurende welke de gereserveerde nummers, blijkens de reservering, beschikbaar blijven, wordt verwezenlijkt;

het in de aanvraag omschreven voorgenomen gebruik de toekenning van de gevraagde hoeveelheid nummers niet rechtvaardigt;

een eerdere toekenning is ingetrokken:

le. op grond van het bepaalde in artikel 101 lid 1 onder d;

2e. wegens overtreding van de bij of krachtens deze wet vastgestelde regels dan wel van de voorschriften die aan de toekenning waren verbonden of van de beperkingen waaronder deze was verleend.

Artikel 26 Intrekking nummers

De toegekende of gereserveerde nummers worden ingetrokken, indien:

de houder van de toegekende nummers daarom verzoekt;

een wijziging van een nummerplan daartoe noodzaakt;

het doelmatig gebruik van nummers in het algemeen maatschappelijk en economisch belang dit vordert;

de gronden, waarop de toekenning of reservering is gebaseerd, zijn weggevallen.

De toegekende of gereserveerde nummers kunnen worden ingetrokken, indien de houder van het toegekende nummer of de reservering de bij of krachtens deze wet vastgestelde regels, dan wel de voorschriften die aan de toekenning of reservering zijn verbonden of die van de beperkingen waaronder deze zijn toegekend, niet nakomt.

Artikel 27 Nummerregister

De TAS houdt een nummerregister bij, dat een overzicht bevat van de toegekende en

gereserveerde nummers alsmede, in geval van reservering, de tijd gedurende welke

de reservering gehandhaafd blijft.

Artikel 28 Nummerplannen

Bij staatsbesluit worden regels vastgesteld met betrekking tot:

hetgeen bij het opstellen van een nummerplan in aanmerking moet worden genomen;

de te volgen procedures terzake de reservering en uitgifte van nummers;

de inrichting van en de inzage in het nummerregister.

Artikel 29 Afwijking nummerplan

Het is verboden voor een bestemming die voorkomt in een nummerplan andere nummers te gebruiken dan die welke in dat plan voor die bestemming zijn opgenomen.

Het is verboden nummers die voorkomen in een nummerplan of in een aangewezen bestemming, en die niet door de TAS zijn afgegeven of die afwijken van de bij de toekenning door de TAS in overeenstemming met een nummerplan aangegeven bestemming, te gebruiken.

§ 6. Nummeridentificatie

Artikel 30 Aanbieding nummeridentificatie

Een concessiehouder biedt de dienst van nummeridentificatie aan, indien de telecommunicatie-infrastructuur zulks mogelijk maakt.

Een concessiehouder biedt iedere gebruiker die daarom verzoekt de mogelijkheid om doorgifte van diens nummer te blokkeren of uit te schakelen.

De TAS kan ten aanzien van de in lid I van dit artikel bedoelde dienst nadere regels vaststellen met betrekking tot:

de voorwaarden waaronder de identificatie van nummers van oproepende.en opgeroepen aansluitpunten kan worden beeindigd;

de wijze waarop uitvoering aan nummeridentificatie in het internationale telecommunicatieverkeer kan worden gegeven;

de wijze waarop de concessiehouders de gebruikers voorlichten over het gebruik van nununeridentificatie.

.

Arikel 31 Alarmnummers

Elke concessiehouder die nummeridentificatie aanbiedt, is verplicht aan door de Procureur-Generaal bij het Hof van Justitie aangewezen beheerders van een alarmnununer voor publieke diensten, indien er telecommunicatie met een alarmnununer wordt afgewikkeld, gelijktijdig:

het nummer van het oproepende aansluitpunt te verstrekken, ook als bij dat aansluitpunt gebruik gemaakt wordt van een in artikel 30 lid 2 onder b bedoelde blokkeringsmogelijkheid;

naam, adres en woonplaats van de abonnee dan wel de locatie van de desbetreffende voor het publiek toegankelijke gelegenheid, bedoeld in artikel 16, die onder het desbetreffende nummer is aangesloten, te verstrekken; de bekendmaking van het besluit tot aanwijzing, bedoeld in de aanhef van dit lid, wordt geplaatst in het Advertentieblad van de Republiek Suriname.

De verstrekte nummers en de in lid 1 onder b van dit artikel bedoelde gegevens worden door de beheerders, bedoeld in de aanhef van lid I, geregistreerd in een daartoe bestemd register.

Verstrekking van nummers en gegevens uit het register vindt slechts plaats met het oog op:

de hulpverlening in noodsituaties; aan de aangewezen publieke diensten belast met hulpverleningstaken;

de bestrijding van het misbruik van alarmnummers; aan degene die belast is met het onderzoek van het gemaakte misbruik met het oog op eventuele strafvervolging.

De termijn gedurende welke de in lid 2 van dit artikel bedoelde nummers en gegevens blijven geregistreerd, bedraagt ten hoogste:

een maand, indien de nummers en gegevens betrekking hebben op gevallen waarin kennelijk sprake is van een verzoek om hulpverlening in een noodsituatie;

zes maanden, indien de nummers en gegevens betrekking hebben op gevallen waarin kennelijk sprake is van misbruik van een alarmnummer voor publieke diensten;

vierentwintig uur in alle overige gevallen.

De op grond van lid I van dit artikel bedoelde beheerder vergoedt de kosten die gemoeid zijn met het verstrekken van de in lid I onder a en b bedoelde nummers en gegevens.

§ 7. Bevoegd aftappen

Artikel 32 Aftapverbod

Het is, anderen dan degene met wie verbinding wordt opgebouwd, verboden van de over de telecommunicatie-inftastructuur getransporteerde signalen kennis te nemen.

Het in lid I van dit artikel bedoelde verbod is niet van toepassing voor zover zulks geschiedt ter uitvoering van een bijzondere last gegeven door:

de President voorzover de noodzaak en de wenselijkheid in het belang van de nationale veiligheid, zulks vorderen.

de Procureur-Generaal bij het Hof van Justitie in het belang van de handhaving van de nationale veiligheid voorzover zulks betrekking heeft op de opsporing en vervolging van stratbare feiten overeenkomstig het Wetboek van Strafvordering voorzover de noodzaak en de wenselijkheid zulks vorderen.

Het in lid 1 van dit artikel bedoelde verbod is niet van toepassing op het daartoe door een concessiehouder gemachtigde personeel, doch slechts voor zover zulks in het belang van de goede uitvoering van de dienst noodzakelijk is.

Artikel 33 Aftapbaarheid

Elke concessiehouder draagt er zorg voor dat de over diens telecommunicatie inftastructuur getransporteerde signalen aftapbaar zijn, voordat deze aan een gebruiker beschikbaar wordt gesteld.

Bij staatsbesluit kunnen regels worden vastgesteld met betrekking tot de technische aftapbaarheid van de telecommunicatie-inftastructuur.

Artikel 34 Bijzondere last

Elke concessiehouder is verplicht medewerking te verlenen aan de uitvoering van een bijzondere last gegeven door een bevoegde instantie of persoon tot het aftappen of opnemen van telecommunicatie die over diens inftastructuur wordt afgewikkeld; daartoe is elke concessiehouder mede gehouden aan de bevoegde autoriteiten alle benodigde informatie te verstrekken en beschikbaar te hebben, die noodzakelijk is om een bijzondere last uit te kunnen voeren.

Bij staatsbesluit kunnen regels worden vastgesteld met betrekking tot:

de te nemen organisatorische en personele maatregelen en te treffen voorzieningen met betrekking tot het aftappen;

het verstrekken en beschikbaar hebben van informatie, bedoeld in lid 1 van dit artikel

Artikel 35 Beveiliging

Elke concessiehouder is verplicht gegevens met betreking tot een bijzondere last als bedoeld in artikel 34 lid 1 en deverstrekking van informatie, bedoeld in artikel 31 lid 3, te beveiligen tegen kennisneming door onbevoegden alsmede geheimhouding te betrachten metbetrekking tot deze gegevens

Bij staatsbesluit kunnen regels worden vastgesteld met betrekking tot de te nemen maatregelen in verband met de in lid 1 van dit artikel bedoelde beveiliging van gegevens.

§ 8. Overige bepalingen

Artikel 36 Internationale bepalingen

Elke aanbieder van telecommunicatiediensten is gehouden bij de uitvoering van de ingevolge deze wet op hem rustende verplichtingen terzake de verzorging van het internationale telecommunicatieverkeer en de daarop betrekking hebbende verplichtingen, welke voortvloeien uit het ITU-verdrag, alsmede uit andere bindende verdragen of besluiten van volkenreçhtelijke organisaties, na te komen.

Door of namens de President kunnen aan concessiehouders voorschriften worden gegeven die betrekking hebben op:

het waarborgen yan een goede toepassing van lid 1 van dit artikel;

het verlenen van de nodige medewerking van de Minister en de Minister belast met de zorg voor bujtenlandse aangelegenheden bij de voorbereiding van verdragen en besluitn als bedoeld in lid I van dit artikel en. het in verband daarmee te voeren international overleg.

Artikel 37 Blikseminslag

Elke concessiehouder is verplicht de nodige voorzieningen ter bescherming van de telecommunicatie-infrastructuur tegen blikseminslag aan te brengen.

Artikel38 Aansprakelijkheid

Elke concessiehouder is voor schade aan derden, als gevolg van het niet of niet goed functioneren van de telecommunicatie-infrastructuur en van tekortkomingen bij de uitvoering van de door hem geleverde diensten en van de zorg voor vaste verbindingen, slechts aansprakelijk, indien het schade betreft :

resulterend in dood of lichamelijk letsel;

door het handelen in strijd met de artikelen 435, 438, 439 en 440 van het Wetboek van Strafrecht;

door het niet of onjuist verstrekken, het onzorgvuldig beheren of verwerken van gegevens betreffende gebruikers van de bedoelde diensten dan wel door fouten in administratieve verrichtingen samenhangend met die gegevens.

Bij staatsbesluit worden bedragen voor aansprakelijkheid, bedoeld in lid I van dit artikel, vastgesteld die niet overschreden mogen worden; de hoogte van de bedragen kan verschillend zijn voor onder meer de aard van de gebeurtenis en de aard van de door de concessiehouder geleverde diensten.

Een concessiehouder kan zich niet beroepen op een uit de leden 1 en 2 van dit artikel voortvloeiende uitsluiting of beperking van zijn aansprakelijkheid, voor zover de schade is ontstaan uit zijn eigen handelen of nalaten, hetzij met de opzet die schade te veroorzaken, hetzij roekeloos en met de wetenschap dat die schade er waarschijnlijk uit zou voortvloeien.

Artikel 39 Aansprakelijkheid internationaal telecommunicatieverkeer

Terzake de verzorging van het internationale telecommunicatieverkeer is een concessiehouder slechts aansprakelijk overeenkomstig de bepalingen van het ITU-verdrag, alsmede van andere bindende verdragen die Suriname gesloten heeft, of Besluiten van volkenrechtelijke organisaties welke betrekking hebben op hetinternationale telecommunicatieverkeer.