CARICOM Seminar preparatory to AT Conference/5 (14-15 jan.)

Regional Workshop on Air and Maritime Transportation (16-17 jan.)

JAMAICA, 14 – 17 Januari 2003

Delegatie: J. Veira, V. Hanenberg, R. Brown,

Overige delegaties: Jamaica, Barbados, Guyana, Antigua and Barbuda, St. Kitts and Nevis, Trinidad, Haïti, OECS, Caricom Secretariaat.

 

CARICOM Seminar preparatory to AT Conf/5 (14-15 januari 2003)

Dit seminar had tot doel (1) een mogelijkheid te creëren voor de Caricom landen om brandende vraagstukken te analyseren en te bespreken die aan de orde zullen komen tijdens de ‘Fifth Worldwide Air Transport Conference’ (24 – 29 maart 2003). In dit kader werd de heer John Gunther van de ICAO uitgenodigd, die tijdens deze twee dagen een uiteenzetting gaf over de laatste AT Conf/4.

In zijn presentatie gaf hij onder andere aan welke aanbevelingen zijn gedaan tijdens de laatste conferentie. Het gaat om ‘progressive liberalization’, ‘own path, own pace of regulatory change’ en ‘no global multilateralism as yet’.

Na de presentatie was er gelegenheid tot vragen stellen. Er werden vragen gesteld aangaande de onderstaande onderwerpen:

  • externe factoren die effect hebben op liberalisatie in de luchtvaart;

  • gevolgen van liberalisatie op airline operations van private luchthavens;

  • transnational ownership;

  • totale liberalisatie met regelgeving op het gebied van tarieven;

  • definitie van ‘low cost carriers’;

  • community of interest concept;

  • liberalisatie van reserveringssystemen;

  • verhouding ‘open skies’ en ‘cabotage’;

  • IATA tariefsbepaling.

Voor meer detail info vide bijlage (slide show ‘CARICOM Seminar preparatory to At Conf/5’, session 1).

Verder werd door ICAO aangegeven dat beslissingen binnen de luchtvaartsector te veel worden genomen op basis van politieke overwegingen en te weinig wordt gekeken naar de technische-, economische- en sociale aspecten. Deze trend is sterk in het Caribisch gebied, terwijl het in de EU en de VS veel minder het geval is.

Uit onderzoek is gebleken dat overheden na privatisering van luchtvaartmaatschappijen, meer kapitaal steken in het bedrijf dan daarvoor d.m.v. investeringen (Air Jamaica, BWIA).

Het tweede doel van dit seminar was om Caribische landen, die zullen participeren in de AT Conf/5, een beeld te geven van hoe deze conferentie zal verlopen.

De ICAO gaf aan dat het de eerste keer is dat deze conferentie voor slechts vijf dagen is uitgezet. Gezien de variëteit en complexiteit van de te bespreken onderwerp was het wenselijk als er een periode van twee weken hiervoor werd uitgetrokken. Er is daarom besloten om in de verschillende regio’s voorbereidende sessies te organiseren om zo de lidlanden voor te bereiden op het schema van de conferentie. Er zal weinig ruimte zijn voor discussie en onderwerpen buiten de agenda. Voorafgaand aan de conferentie is er een voorbereidend seminar op 22 – 23 maart 2003.

Als derde werden de basis elementen van liberalisatie behandeld:

  • market access;

  • airline ownership and control;

  • competition and safeguards;

  • dispute settlement;

  • ICAO Template Air Service Agreement (TASA).

Met betrekking tot dispute settlement zal er een ‘dispute mechanism’ worden ingesteld, waarin experts met specifieke kwalificaties zitting zullen nemen. Voor elke case zullen bepaalde experts worden aangewezen.

Het vierde agenda punt betrof een sessie aangaande presentaties m.b.t. ervaringen op het gebied van liberalisatie.

Barbados heeft het initiatief genomen een draft document op te stellen inzake ‘Liberalization of Airline ownership and Control for developing nations’. Het is de bedoeling dat dit document tijdens de AT Conf/5 als een CARICOM standpunt wordt gepresenteerd. Echter is door de ICAO aangegeven dat het beter is ook ondersteuning te vragen van landen buiten de CARICOM. Tijdens het seminar is niet negatief gereageerd op dit document.

Barbados zal officieel via hun Ministerie van BUZA dit document sturen naar alle lidlanden voor goedkeuring. Er zal een ‘spokes person’ worden aangewezen die namens de (CARICOM) lidlanden deze paper zal presenteren en de lidlanden (de landen die de paper ondersteunen) zullen voor de conferentie onderling een meeting hebben.

Als laatste werd er een strategie afgesproken voor participatie tijdens de 34th Extraordinary Assembly. Tijdens deze sessie zullen drie leden worden toegevoegd aan de ICAO Council, het totaal aantal brengende op 36.

De CARICOM heeft besloten om de kandidatuur van de Latin American Civil Aviation Commission (LACAC) te ondersteunen, aangezien wij zwaar bouwen op deze organisatie. Andere kandidaten zijn Singapore, Ukraine en Zuid-Afrika. De positie van LACAC is formeel niet bekend, maar zal binnenkort aan het Caricom Secretariaat worden bekend gemaakt.

 

Regional Workshop on Transportation: Air and Maritime

De eerste dag werd verdeeld in twee delen:

  • Video Conference met de WTO;

  • Via Video Conference ging een vertegenwoordiger van de WTO in op drie zaken n.l.: ‘Introduction to the Disciplines and Rules of the GATS’ (Air and Maritime), Air Transport en Maritime Transport;

  • Een algemene beschouwing door vertegenwoordigers van het CARICOM Secretariaat, inzake ‘The CARICOM Single Market and Economy Air/Maritime Transport Regime’ en een presentatie inzake CARICOM Protocol VI – ‘Maritime Transport Considerations’ (Commander C. Roach).

Na de Video Conference bestond de gelegenheid om vragen te stellen aan de vertegenwoordiger van de WTO.

De belangrijkste vraag die aan de orde kwam handelde over de samenwerking WTO - ICAO en WTO – IMO. Er bestaat met beide organisaties een hechte samenwerking.

Tijdens de algemene beschouwingen kwam als belangrijkste punt naar voren dat de CARICOM Single Market and Economy met 15 miljoen mensen geen grote invloed zal kunnen uitoefenen op de wereldeconomie. De CSME moet gezien worden als een instrument voor ‘capacity building’.

De presentatie van Commander Roach had een drietal kernpunten.

Elke lidstaat moet:

  • transportbeleid ontwikkelen en implementeren ter ondersteuning van het regionaal beleid;

  • maritieme verdragen en conventies inzake de veiligheid van schepen en bescherming van het milieu ratificeren en implementeren;

  • aan wettelijke-, administratieve- en technische ontwikkeling c.q. versterking werken voor een effectieve implementering van ‘flag, port and coastal state jurisdiction’.

Op de tweede dag werd aan de delegaties een ‘updated list’ inzake WTO Transport Restrictions gepresenteerd. Elke delegatie had de gelegenheid aan te geven of hetgeen op de lijst voorkwam daadwerkelijk correct was verwoord.

Van Surinaamse zijde bleek dat met betrekking tot ‘Air Transport Services of Passengers’, voor het opheffen van de restrictie, een andere actie was aangegeven dat is vereist. Niet de Luchtvaartwet van 1935 moet gewijzigd worden, maar het Staatsbesluit van 27 juni 1981 no. 89, houdende aanwijzing van de Surinaamse Luchtvaart Maatschappij N.V. als enige luchtvaartafhandelingsmaatschappij en General Agent in Suriname.

Hetzelfde kan gezegd worden met betrekking tot ‘Air Transport Services of Freight’.

Ook ontstond er een discussie over restricties die op de lijst voorkomen en zijn gekwalificeerd als ‘not-applicable’ (N/A) m.a.w. zijn het in principe geen restricties. De vraag werd gesteld of deze dan van de lijst konden worden afgevoerd. Er is besloten dit niet te doen, aangezien vermelding van deze punten een stukje transparantie tot doel heeft.

Aan de Surinaamse delegatie werd aandacht gevraagd voor het volgende:

  • ratificering van de ‘Multilateral Air Services Agreement’;

  • in de taxiwet zal ervoor gezorgd moeten worden dat er geen bepalingen in voorkomen die een restrictie vormen voor CARICOM nationals (artikel 13);

  • de Autobuswet van 1945 moet voor eind 2003 gewijzigd worden;

  • nagaan of er regelgeving is op het gebied van het spoor;

  • scheepvaartwet moet worden aangepast;

 

R. Brown, 22 januari 2003